Verkenning van de stand van zaken: één jaar na het eerstelijns akkoord

Op 16 juli 2013 hebben het ministerie van VWS, LHV en InEen rechtsvoorgangers een akkoord gesloten. Het akkoord betreft de periode 2014 – 2017, wat is de stand van zaken één jaar na het eerstelijns akkoord?

Het eerstelijns akkoord maakt onderdeel uit van een set aan akkoorden met de ziekenhuizen, ggz en eerstelijnszorg. Het heeft als speerpunten: het beperken van de uitgaven curatieve zorg en verbeteren van de kwaliteit. Door het realiseren van zorg dichtbij met eigen verantwoordelijkheid voor burgers in een samenhangend pakket aan zorg, ondersteuning en welzijn op lokaal niveau. Substitutie van specialistische zorg naar generalistische zorg en zelfzorg. Met een nieuw bekostigingssysteem voor huisartsen- en multidisciplinaire zorg, groeiruimte van maximaal tweeënhalf procent en afspraken over monitoring en verschuiving van budgeten ten gevolge van substitutie. En een ambitieuze inhoudelijke agenda.
Het kabinet geeft het veld veel ruimte aan de uitvoerders van het beleid. Er zijn grote systeemveranderingen, vooral in de AWBZ. Deze geven maatschappelijke onrust en vragen veel aandacht van de aanpalende eerstelijnszorg. De effecten van de veranderingen leiden nu al tot extra druk op de eerstelijnszorg. Het macrobudget voor de eerstelijnszorg van tweeënhalf procent per jaar is volstrekt onvoldoende om de autonome en extra groei te faciliteren. Er zijn geen harde garanties om overschrijdingen te compenseren. De Wmo, Jeugdwet, Participatiewet en Wlz geven een enorme druk op de bestuurders in de eerstelijnszorg, onzekerheid bij patiënten en burgers met een indirect effect op de zorgprofessionals. De discussie over vrije artsenkeuze komt qua planning erg ongelegen. En de aandacht voor fraude en misstanden leidt tot een verkrampte controlecultuur die conflicteert met een innovatie- en veranderingsproces. De al jarenlange durende btw-dreiging voor nieuwe eerstelijns organisaties hangt als een molensteen om de nek. De hoeveelheid veranderingen tegelijk en de wijze waarop deze op elkaar inwerken, zijn voor een ontluikende eerstelijnszorg moeilijk bij te benen. Daarnaast is er direct impact op de eerstelijnszorg door wijzigingen in de medisch-specialistische zorg en wijzigingen rondom de wijkverpleegkundige, die beleidsaandacht vragen.

Download het volledige artikel hier: