ICT-samenwerking vraagt om regie in de regio

Er gebeurt enorm veel op het gebied van ICT in de eerstelijnszorg. Landelijk, regionaal, bij huisartsenposten en zorggroepen en in de praktijken van zorgverleners. De ontwikkelingen gaan snel, maar vinden gefragmenteerd plaats. En versnippering leidt tot beperkte slagkracht. “Er is te weinig regie geweest”, zegt Maarten Klomp. Hij pleit voor sterke regionale partijen, die optreden als regisseur en serviceverlener voor de aangesloten praktijken. En voor beperking van het aantal leveranciers.

“Met het gebruik van een huisartsinformatiesysteem (HIS) liepen huisartsen decennialang voorop op het gebied van ICT in de zorg”, aldus Maarten Klomp. “Het is niet makkelijk om die positie nu nog vast te houden. Grote slagen worden niet meer gemaakt. Een beetje gechargeerd kun je zeggen: iedereen is parallel dezelfde dingen aan het ontwikkelen. Daarmee gaat veel tijd en geld verloren.”

Klomp wijst op de landelijke eHealth-monitor. “Die laat zien dat mensen steeds meer behoefte hebben aan online dienstverlening. eCconsults, digitaal afspraken maken, eigen metingen doorgeven. Maar voor huisartsen is dit nog heel beperkt mogelijk. Het delen van informatie met andere zorgverleners, het gebruik van eHealth-programma’s en patiëntenportalen laat te wensen over.” Daarnaast is de gebruiksvriendelijkheid nog vaak een probleem, vindt Klomp, zodat de drempel om mee te doen hoog is. Het vreet tijd, die ten koste gaat van de patiëntenzorg.

Het is een bijna gordiaanse knoop. Hoe begin je met dit aan te pakken? Dat is een kwestie van prioriteiten stellen, zegt Klomp. Het landelijk Informatieberaad, ingesteld door VWS, is daarmee begonnen. Aan de prioriteiten worden ook deadlines verbonden. Zo moet een patiënt per 1 januari 2018 toegang kunnen hebben tot belangrijke delen van zijn of haar dossier. Dat moet onder meer een veilige medicatieoverdracht mogelijk maken en misverstanden tussen huisarts, ziekenhuis en thuiszorg voorkomen. Dezelfde datum geldt als deadline voor het doorvoeren van ICT-standaardisatie binnen de ketenzorg, wat volledige digitale informatie-uitwisseling mogelijk maakt. “En een heel belangrijke target is ‘registratie aan de bron’. Dat maakt mogelijk dat registraties van patiëntencontacten veilig en anoniem gebruikt kunnen worden als kwaliteitsindicatoren of basis voor wetenschappelijk onderzoek, zonder dat je ze dubbel of driedubbel moet invoeren. Die eenheid van data moet per 1 januari 2019 geregeld zijn.”

Regio Zuidoost-Brabant

Op landelijk niveau ontstaat zo een aantal basisregels en –voorwaarden. Maar de daadwerkelijke inrichting en finetuning van zorginformatiesystemen vindt plaats in de regio. En dat vraagt om afstemming. “Er is behoefte aan een partij die op regionaal niveau koppelingen kan maken tussen partijen en als serviceorganisatie kan optreden richting de praktijken”, zegt Maarten Klomp, “maar ook als regisseur richting leveranciers.”

Auteur: Leendert Douma

Download het volledige artikel hier: