Beleidsadviezen voor een nieuw kabinet

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedInEmail this to someone

Wat gaat kabinet Rutte 3 doen met de (eerstelijns)gezondheidszorg? Het regeerakkoord zal het uitwijzen, maar als het aan de Eerstelijns ligt, kiest het kabinet voor een aantal logische, samenhangende oplossingen voor de (toekomstige) knelpunten.

De grootste uitdagingen betreffen de ouderenzorg, acute zorg, arbeidsmarkt en substitutie. Hoewel er al enkele stappen zijn gezet, is het niet genoeg. Zeker in de eerstelijnszorg zijn aanvullende maatregelen nodig.

Ouderenzorg

Door decentralisatie zijn oudere en kwetsbare mensen langer thuis. Dit heeft gevolgen voor de inrichting van zorg en welzijn. Door de sociale wijkteams verder te laten integreren en samenwerking met de eerstelijnszorg te intensiveren, kan meer en beter geïntervenieerd worden in een vroeg stadium.

Rutte 3 zet de Wet maatschappelijk ondersteuning (Wmo) voorlopig op dezelfde voet voort. In de eerstelijnszorg en de wijkverpleging betekent dat: aanbesteden op basis van een concessiemodel. Hoewel de individuele vrijheid bij het kiezen van een organisatie beperkt wordt, kan door het verminderen van transacties collectieve efficiencywinst worden geboekt. Ook het aantal transacties in de huisartsenzorg kan omlaag. Met name wanneer er regionale huisartsenorganisaties ontstaan die aanspreekbaar zijn voor alle (24 uurs)zorg. De module Organisatie & Infrastructuur (O&I) biedt hiertoe mogelijkheden, maar de nieuwe minister van VWS moet zorgverzekeraars wel tot actie manen. Tot op heden is er namelijk binnen die module alleen oog voor praktijkmanagement.

Acute zorg

De acute zorg heeft een fundamenteel probleem. De relatief goedkope ANW-zorg van huisartsen heeft een budgetmodel en is gratis toegankelijk, de dure SEH valt onder het eigen risico en heeft een productieprikkel. Dat moet anders. Rutte 3 los dit op, want de acute zorg loopt vast. Een structurele herziening is noodzakelijk.

Arbeidsmarkt

Het feit dat zorgverzekeraars weigeren om prijzen te indexeren terwijl de lonen wel stijgen, zou door de politiek moeten worden verboden. Niet indexeren kost arbeidsplaatsen, terwijl er tekorten ontstaan. De politiek kan marktmeester NZa (Nederlandse Zorgautoriteit) de opdracht geven om een verplichte indexatie op te nemen in de beleidsregels, aangezien er sprake is van marktfalen. Maar er is meer nodig. In alle andere economische sectoren is digitalisering een topprioriteit. In de (eerstelijns)zorg staat eHealth nog in de kinderschoenen. Rutte 3 moet hier beleidsrijk mee aan de slag.

Substitutie

Sinds 2006 is substitutie een onderdeel van het overheidsbeleid. Anno 2018 heeft de substitutie van zorg (deels) plaatsgevonden, maar de budgetten zijn nauwelijks ‘meeverhuisd’. De eerstelijnszorg met de kernfuncties huisartsen en wijkverpleegkundigen wordt volstrekt overvraagd, burn-out en discontinuïteit zijn aan de orde van de dag. En dit terwijl de zorgverzekeraars het beschikbare macrobudget voor huisartsen, multidisciplinaire zorg en wijkverpleging al twee jaar niet uitgeven. Daarop ingrijpen is stap één voor de nieuwe minister van VWS.

Auteur: Jan Erik de Wildt

Download het volledige artikel hier: