Zorg voor asielzoekers: meer regie over eigen leven

De zorginkoop en de zorg aan asielzoekers is per 1 januari 2018 overgegaan van Menzis COA Administratie (MCA) en Gezondheidscentrum voor Asielzoekers (GCA) naar RMA en GZA (dochterondernemingen van Arts en Zorg). In de vorige editie van De Eerstelijns spraken we de zorgverzekeraar over de lessons learnedqua zorginkoop. We spreken hen weer. Dit keer over het zorgconcept. Hoe werkt het, zodat we hierop kunnen voortborduren?

Om de zorg aan asielzoekers in goede banen te leiden, richtte Menzis in 2009 het GCA op. Het centrale kantoor met staf, ondersteuning en praktijklijn bevond zich in Wageningen. De uitvoering van de zorg was aan de zorgteams, die zich in de AZC’s (asielzoekerscentra) in Nederland bevinden. Arts en Zorg neemt het model zorgconcept voor een groot deel over. Echter in een eigen jasje. Een deel van de GCA-medewerkers zet het werk onder de nieuwe werkgever voort. “Ik ben blij dat onze kennis en kunde voortgaat”, zegt Annefieke Booij. Ze werkte de laatste jaren als manager zorg voor GCA en is nu programmanager afbouw.

Op het centrum

Binnen het zorgconcept van GCA heeft elk AZC een zorgteam, bestaande uit praktijkassistenten, praktijkverpleegkundigen, huisartsen en GGZ-consulenten. Booij: “In de morgen vindt een inloopspreekuur plaats. De praktijkassistent ontvangt de asielzoeker en voert een triage uit en eenvoudige behandelingen. De praktijkverpleegkundige heeft zodoende meer tijd om de ‘ingewikkeldere’ medische hulp te geven. Blijkt de medische vraag complex, dan komt de asielzoeker in de planning van de huisarts te staan. Deze werkwijze maakt het mogelijk, dat de huisarts beperkt op de locatie is. De consulten worden na afloop altijd met de huisarts doorgesproken. Deze accordeert ook digitaal de activiteiten van de praktijkassistent en praktijkverpleegkundige.”

GGZ-consulent

Een belangrijk persoon binnen het zorgteam is de GGZ-consulent. Booij: “Destijds kende de GGZ lange wachtlijsten, terwijl asielzoekers juist veel psychosomatische en psychische problematiek kennen. Ze zijn vaak getraumatiseerd en gebaat bij snelle, directe hulp dichtbij. We hebben daarom GGZ-consulenten ingezet, die een luisterend oor bieden, handvatten geven bij problemen en zich richten op de zelfredzaamheid van asielzoekers. Uit de pilot bleek dat de doorverwijzing naar de tweede lijn hierdoor met 36 procent is gedaald.”

Wat kan beter? Booij: “Bovenal kunnen we er nog alerter op zijn, niet in de modus te geraken van ‘wij zorgen voor asielzoekers’. We moeten er juist voor zorgen dat ze meer zelf kunnen. Bijvoorbeeld door hen te leren digitale middelen te gebruiken voor afspraken. Meer regie over eigen leven, daar gaat het ook bij asielzoekers om.”

Auteur: Betty Rombout

Download het volledige artikel hier: