Auteursrichtlijnen De Eerstelijns

Doelgroep
De Eerstelijns richt zich op policy makers, bestuurders & directeuren en vernieuwers (early adapators) in de eerstelijnszorg en op stakeholders. De artikelen hebben meestal een multidisciplinaire oriëntatie en passen binnen de focus van De Eerstelijns (platform voor strategie en innovatie) Auteurs schrijven hun artikel vanuit het perspectief van één van de volgende thema’s:

Bekostiging & Contractering 

Beleid & Politiek

Gemeenten & Maatschappij

Mensen & Motivatie

Onderzoek & Wetenschap

Organisatie & Innovaties

Praktijkorganisatie & Bedrijfsvoering

Insteek / focus artikel
Denk buiten de kaders van de eigen organisatie. Waarom zou dit onderwerp ook boeiend zijn voor De Eerstelijns-lezers elders in het land? Wat kunnen zij ervan leren? Kun je concrete leerpunten of tips noemen?
Is het onderwerp actueel, nieuw/vernieuwend in Nederland? Of is de manier waarop het is uitgewerkt vernieuwend (bijvoorbeeld doordat er ‘nieuwe’ partijen bij zijn betrokken of dankzij een innovatieve uitwerking van het onderwerp)? Of is het onderwerp vernieuwend in de eigen regio, waarbij bepaalde specifieke kenmerken een belangrijke rol spelen (bijvoorbeeld demografie: de organisatie bevindt zich in een krimpregio, een sterk vergrijsde regio, een regio met gemiddeld een lage sociaaleconomische status, enz.)? Of is de implementatie verrassend?

Lengte
Een tweepagina-artikel = 900 woorden (met een bandbreedte van 850 tot maximaal 950 woorden). Een driepagina-artikel = 1250 woorden (bandbreedte 1250 – 1450 woorden).

Kop en chapeau
Graag suggesties aanleveren. Een chapeau (de kleine kop) bevat vaak praktische info, bijvoorbeeld: Nieuw leefstijlproject in Utrecht van start. Een kop kan een aansprekende quote uit het artikel zijn of iets wat prikkelt, nieuwsgierig maakt om door te lezen. De eindredacteur verandert chapeau en kop soms; of ze worden aangescherpt.

Intro
Lengte van maximaal 50 woorden. Alle informatie uit het intro moet ook zijn te vinden in de broodtekst/lopende tekst van het artikel.

Beperk het gebruik van de naam van organisaties
Gebruik de naam van bedrijven/organisaties met mate, 5 keer is meer dan genoeg, daarna kan dit de lezer gaan storen. Gebruik synoniemen of verwijswoorden (kenniscentrum, deze organisatie, de zorggroep…).

Geen literatuurverwijzingen
De Eerstelijns is geen medisch-wetenschappelijk blad, maar een platform voor strategie en innovatie. Daarom is er geen ruimte voor (uitgebreide) literatuurverwijzingen; die worden niet geplaatst in het blad. Wel is het mogelijk in een onderschrift te verwijzen naar een plek op de eigen website voor literatuurverwijzingen. Natuurlijk is het wel toegestaan te verwijzen naar bijvoorbeeld een relevante brochure, handreiking of iets dergelijks over het onderwerp van het artikel.

Quotes
Quotes zetten we tussen dubbele aanhalingstekens. Van een geïnterviewde eerst 1 keer voor- en achternaam noemen, in de rest van het artikel alleen de achternaam gebruiken (huisstijl van het blad).

Overige aanhalingstekens
Verder enkele aanhalingstekens gebruiken (bijvoorbeeld: Het voelt als ‘hun’ organisatie).

Namen auteurs
Onder het artikel graag voor- en achternamen vermelden, eventueel met functie- en organisatienaam.