Berichten

Jaar 2019 cruciaal voor regionale versterking van de eerste lijn

Al ruim vijf jaar wordt er gesproken en geschreven over de noodzakelijke versterking van de eerstelijnszorg. Door allerlei ontwikkelingen neemt de urgentie sterk toe, maar de geplande koerswijziging in 2018 is uitgebleven. De klok tikt, stelt zorgbestuurder Jan Erik de Wildt: “We praten nu al over het inkoopbeleid 2020.”

Vorig jaar had het moeten gebeuren: de concrete invoering van de module Organisatie & Infrastructuur (O&I). Het nieuwe bekostigingssysteem moet ervoor zorgen dat de organisatiekracht van de eerste lijn – met name de huisartsenzorg – een flinke boost krijgt. Een belangrijk onderdeel hiervan is regiomanagement. Door dit goed op te tuigen, inclusief het benodigde budget, kan de huisartsenzorg toekomstbestendig inspelen op tal van ontwikkelingen die een grote impact hebben op de dagelijkse praktijk.

Teleurstellend en onacceptabel

Die sterkere regionale organisaties zijn echter in 2018 nauwelijks van de grond gekomen, stelt Jan Erik de Wildt, directeur bedrijfsvoering van zorggroep DOH en scheidend uitgever van De Eerstelijns. “Er is vrijwel geen beweging zichtbaar. Dat is heel teleurstellend en eigenlijk onacceptabel. Er komt zoveel op de huisartsenpraktijken af, dat er écht stappen gemaakt moeten worden.”

De Wildt is een beetje klaar met alle overleggen, plannen en rapporten. “Als we zo doorgaan, komen we geen steek verder. 2019 wordt cruciaal, onder andere omdat er dit jaar 125 miljoen euro ICT-gelden beschikbaar komen voor de eerste lijn. Maar ook vanwege de verplichte invoering in 2020 van een persoonlijk gezondheidsportaal voor elke patiënt. Dit alles vergt een enorme inspanning en een regionale benadering.”

Toename zorgvraag

De belangrijkste structurele ontwikkeling die om actie vraagt, is de forse toename van de zorgvraag. “Ouderen wonen langer thuis, de GGZ ambulantiseert, de verschuiving vanuit ziekenhuizen blijft doorgaan en het aantal chronisch zieken neemt toe. Dit komt allemaal op het bordje van de huisarts. Bovendien wordt er vanuit het sociaal domein een groeiend beroep gedaan op de eerste lijn.” Deze trends gekoppeld aan het achterlopen op ICT-gebied en personeelskrapte in de zorg, maakt fundamentele organisatorische veranderingen noodzakelijk.

Samen aan zet

Om tot concrete resultaten te komen, zijn twee partijen aan zet, aldus de Brabantse zorgbestuurder: de zorgverzekeraars en de eerste lijn zelf. “Hun bestuurders moeten lef en leiderschap gaan tonen. Er spelen veel belangen. Mensen zullen over hun eigen schaduw moeten stappen. Er is nu te veel versplintering. Al die aparte clubs, met hun eigen besturen, gebouwen en overlegcircuits. Het is niet efficiënt en we werken te veel langs elkaar heen.”

Auteur: José van der Waerden

Download hier het artikel.

Een nieuwe vorm van zorg

Samenwerking is noodzakelijk om goede integrale zorg te leveren aan complexe patiënten. Daar is iedereen van overtuigd. Toch komt dat in de praktijk nog lastig van de grond. Hoe brengen we de samenwerking in de regio een stap verder? Dat was het onderwerp van het jaarlijkse seminar dat Portavita begin november heeft gehouden. Portavita faciliteert met haar Health Management Platform de samenwerking tussen zorgpartners in de regio’s.

Zorgverleners bieden steeds vaker zorg vanuit multidisciplinaire samenwerkingsverbanden en stemmen deze af met elkaar en met professionals uit andere vakgebieden. Maar er is meer nodig: een fundamentele verandering van de inrichting en organisatie van de zorg. De zorg-ICT kan dat nieuwe model mogelijk maken en ondersteunen. “Er gebeurt veel, maar we missen overzicht. Iedereen bouwt aan een stukje. Dat maakt het moeilijk om een goede keuze te maken en de juiste investeringen te doen. Het ontbreekt in elke regio aan een regionale organisatie die probleemeigenaar en opdrachtgever is”, verklaart Aloys Langemeyer, directeur Sales & Services van Portavita.

Echt samenwerken

Om goed en echt te kunnen samenwerken, moeten zorgverleners de informatie over hun patiënt of cliënt in samenhang kunnen zien. Vorig jaar bracht het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) een visiedocument uit over de ICT-ondersteuning van multidisciplinaire samenwerking in de eerste lijn. Dat bevat het model van de virtuele overlegtafel. Dit beschrijft een systeem naast het HIS (huisartsen), AIS (apothekers), FIS (fysiotherapeuten) en andere informatiesystemen, waarin ook andere relevante en actuele informatie samenkomt.

“Het NHG-document bevat bouwstenen die aansluiten bij onze visie dat alleen informatie uitwisselen onvoldoende is voor het ondersteunen van een samenwerkingsproces. Wij hebben daarom een regionaal samenwerkingsplatform ontwikkeld en geïmplementeerd. Het Health Management Platform bevat functionaliteiten als het Individueel Zorgplan, het Multidisciplinair Overleg, een samenvatting van patiëntgegevens uit verschillende bronnen, consultatie, een berichtenmodule en een data-analysetool die onder meer gebruikt kan worden voor casefinding. Dit kan de regionale samenwerking faciliteren”, legt Edo Westerhuis, COO van Portavita, uit.

Zet de eerste stap

Bedrijfskundige Ber Damen bevestigt dat de noodzaak tot samenwerking niet wordt betwist. “Maar het is niet eenvoudig om je weg te vinden, omdat er sprake is van partijen die verschillen qua omvang en belangen.” Zijn advies is: “Ga niet zitten wachten tot de ander een stap doet, maar zet zelf de eerste stap en zoek elkaar op. Benut het netwerk, want je hebt elkaar nodig. Maak samen een vuist en zoek een oplossing. En bedenk: de kosten gaan voor de baat uit.”

Auteur: Corina de Feijter

Download het volledige artikel hier:

Domeinoverstijgend samenwerken in een wijk, kan dat?

Nederland staat voor de uitdaging om adequate zorg en ondersteuning te bieden aan een groeiende groep kwetsbare ouderen met chronische, complexe zorgvragen. Een holistische blik is nodig om de kwaliteit van leven van de oudere centraal te stellen. Goede en efficiënte afstemming tussen huisartsen en andere zorgverleners is daarom van groot belang. Het faciliteren van een integraal aanbod van zorg en welzijn vereist een goed functionerend interprofessioneel team in wijk of dorp. Lessen uit het Zuid-Limburgse dorp Elsloo. 

In Elsloo is vijf jaar geleden een samenwerkingsverband opgericht tussen huisartsen, paramedici, apotheek, thuiszorg en verpleeghuiszorg. Samen met de gemeente Stein en zorgverzekeraar CZ hebben we als zorgteam teruggekeken op de lessen van de afgelopen jaren.

Uitdaging 1: De juiste contactpersoon

De eerste uitdaging voor het systematisch verbeteren van domeinoverstijgend samenwerken op wijkniveau, is het vinden van de juiste contactpersonen voor de verbinding tussen zorgteam, gemeente en zorgverzekeraar. Binnen het zorgteam is iemand nodig die tijd en aandacht inzet om het zorgteam te vertegenwoordigen en die geïnformeerd blijft over ontwikkelingen bij de externe partners. Vaak ligt deze rol bij de huisarts.

Uitdaging 2: Faciliteren van projecten

De tweede uitdaging bij het ontwikkelen van een zorgteam is concreet met elkaar aan de slag gaan met kwaliteitsverbetering. In Elsloo hebben we bijvoorbeeld gewerkt aan een gezamenlijke aanpak bij ouderen met onrustig gedrag. Het luisteren naar elkaars ervaringen en het bespreken van knelpunten door huisartsen, verzorgenden en wijkverpleegkundigen hielp om elkaar beter te begrijpen. Op basis van de ervaringen en behoeften in het netwerk hebben we materialen kunnen ontwikkelen, specifiek gericht op overdracht en communicatie en passend bij de situatie in Elsloo.

Uitdaging 3: Financiering op wijkniveau

Zorgverzekeraars hebben een voorkeur voor projecten met een regionale insteek, vanwege de mogelijkheden om effecten op de kwaliteit en efficiëntie van zorg meetbaar te maken en  het aantal gesprekspartners te beperken. De kleine aantallen patiënten per wijk, de heterogeniteit van problemen binnen de doelgroep en een beperkte meetperiode maken het nagenoeg onmogelijk  om op wijkniveau zichtbaar te maken in hoeverre een investering in lokale samenwerking leidt tot betere of goedkopere zorg. Bovendien moeten we hier rekening houden met het feit dat degene die investeert in interprofessioneel samenwerken niet per sé de partij is die van de eventuele winst profiteert. Het opstellen van een business case in samenwerking met TNO maakte dit inzichtelijk.

Samen lerend verder

Vijf jaar na de start bestaat het zorgnetwerk nog steeds. Als zorgteam, gemeente en verzekeraar concluderen we dat de huidige financiering van zorg onvoldoende is ingericht op het faciliteren van domeinoverstijgende samenwerking in de ouderenzorg. Gezamenlijk pleiten wij voor een lerende opstelling van alle partners.

Auteurs: Dr. Anneke van Dijk–de Vries, Drs. Lynn Rulkens, Mr. Hub Janssen, Dr. Loes van Bokhoven

Download het volledige artikel hier:

Waardegedreven zorg in de praktijk

Als de patiënt de maatstaf is voor waardegedreven zorg, zou die ook het uitgangspunt moeten zijn voor het meten van het succes ervan. Dat is kortweg waar het om gaat bij het in kaart brengen van de patient journey. Qualizorg en PharmaPartners werken samen om huisartsen en huisartsorganisaties te ondersteunen bij het toevoegen van waarde voor patiënten en het inzichtelijk maken van het resultaat daarvan. 

“Er zijn verschillende interpretaties van waardegedreven zorg. Als je het plat slaat gaat het om de vraag wat de waarde van geleverde zorg is voor een patiënt”, legt Rutger van Zuidam, directeur van Qualizorg uit. “En dat verschilt van patiënt tot patiënt. De ene zorgorganisatie neemt Triple Aim als uitgangspunt, de ander steekt in op value-based healthcare. Vanuit Qualizorg proberen we het resultaat daarvan aan de kant van de patiënt transparant te maken. Dat lukt het beste als je de patiënt verschillende keren op zijn pad door de zorg kort vraagt naar de ervaren uitkomsten. Als je de patient journey in kaart brengt dus.”

Op dit moment worden de uitkomsten van geleverde zorg meestal per silo bekeken. Van Zuidam: “De zorgdiscipline of het zorgpad staat centraal, terwijl de ervaring en uitkomsten van de zorg worden bepaald door de totale route die de zorgconsument aflegt. Als je de patiënt als uitgangspunt neemt voor het verzamelen van uitkomsten op het gebied van gezondheid, ervaren kwaliteit en kosten, krijg je een beeld van de effectiviteit van die hele ‘ketting’ van zorg.”

Samen waarde creëren

De omslag naar het verzamelen van outcome op basis van de patient journey stimuleert Qualizorg door met zorgorganisaties ervaring op te doen, maar ook door samenwerking te zoeken met partijen zoals PharmaPartners. Van Zuidam: “In het huisartsinformatiesysteem Medicom wordt bijvoorbeeld vastgelegd wanneer een patiënt langskomt en hoe het met hem of haar is. Dat zijn de triggers op basis waarvan we vanuit Qualizorg de patiëntbeleving kunnen gaan meten.”

“Medicom helpt huisartsenpraktijken bovendien bij het creëren van een beter ervaren kwaliteit van zorg en betere uitkomsten”, vult Suzanne van Aarle, manager sales & marketing bij PharmaPartners Huisartsenzorg aan. “Dat doen we door goede informatie-uitwisseling met andere partijen tot stand te brengen, zodat zorg op de juiste plek ondersteund wordt met volledige informatie. Daarnaast ontwikkelen we in nauwe samenwerking met huisartsen en zorggroepen functionaliteit om goed invulling te kunnen geven aan multidisciplinaire, persoonsgerichte zorg.”

Rutger van Zuidam: “PharmaPartners Huisartsenzorg en Qualizorg hebben veel dezelfde klanten. Als grote systeempartijen in de zorg hebben we de verantwoordelijkheid om te verbinden en een holistisch beeld van de patiënt en de uitkomsten van zorg tot stand te brengen.”

Auteur: Margriet van Lingen

Download het volledige artikel hier:

Regierol voor ROAZ in regionale samenwerking acute zorg

In het hele land neemt de druk op de acute zorg toe. Er zijn veel initiatieven om dit te beteugelen – en op sommige plekken stabiliseert de druk inderdaad – maar het blijft een taai probleem. Dat ligt aan de instroom, doorstroom én uitstroom van de acute zorg. Ketenoptimalisatie is dus noodzakelijk. De acute zorg in Nederland is verdeeld in elf regio’s met elk een overkoepelend overleg: het ROAZ (Regionaal Overleg Acute Zorg). Minister Bruno Bruins van Medische Zaken wil dat de ROAZ’en meer de ‘lead’ nemen in de acute zorgketen. Maar hoe moeten ze die rol invullen?

“Meer deelnemers en betere besluitvorming”, zegt Bas Leerink. Hij is voorzitter van de raad van bestuur van ziekenhuis Medisch Spectrum Twente (MST), bestuurder bij ROAZ Acute Zorg Euregio en lid van het dagelijks bestuur van het LNAZ (Landelijk Netwerk Acute Zorg), de overkoepelende organisatie van de elf ROAZ’en. De taken van een ROAZ vloeien voort uit de Wet Toelating Zorginstellingen (WTZi), die wordt vervangen door de Wet Toelating Zorgaanbieders (WTZa). Dus is ook het overleg in de acute zorg toe aan herijking. “Het belang van regie wordt steeds groter”, zegt Leerink. “Daarom is het zaak om nog veel meer partijen in het ROAZ te betrekken. Ik denk vooral aan vertegenwoordigers van organisaties in de ouderenzorg.”

De extramuralisering van de zorg heeft de afgelopen jaren voor dertig procent meer spoedopnames onder ouderen gezorgd, zo blijkt uit onderzoek, en er zijn geen tekenen dat de stroom gaat afnemen. Een belangrijk punt is het organiseren van vervolgzorg, bijvoorbeeld door bedden in een eerstelijnsverblijf of door de inzet van wijkverpleegkundigen of transferverpleegkundigen die zorgen dat ouderen na een bezoek aan de SEH of HAP de juiste zorg thuis krijgen.

Investering

Daarnaast pleit Bas Leerink ervoor om in sommige gevallen verloskundigen en apotheken te betrekken in het ROAZ. Maar levert zo’n breed spectrum aan disciplines niet een onwerkbaar overleg op? “Daarom moeten we het verdelen in domeinen van acute zorg”, zegt Leerink. “Denk aan thema’s als beroerte, hartfalen, GGZ of verloskunde. Dan komen expertteams samen die zijn toegespitst op zo’n domein.” Binnen het ROAZ wordt al veel met zulke groepen gewerkt. De eerste lijn wordt daar nauw bij betrokken, vertelt Leerink. “Huisartsen moeten nadenken hoe ze zich laten vertegenwoordigen in een ROAZ. Dat verschilt per regio. Soms is het een directeur of medisch directeur van een HAP. Soms is het iemand uit een huisartsenkring. Regionale samenwerking vraagt investeringen, maar het levert veel op.”

Auteur: Leendert Douma

Download het volledige artikel hier:

Samen werken aan gezondheid

Proactieve zorg waarbij gezondheid en vitaliteit voorop staat. Gezonde en gelukkige burgers die met de juiste aandacht geholpen worden. Gezondheidsgegevens die 24/7 beschikbaar zijn voor iedereen. The Care Society gelooft in een digitaal zorglandschap waarin zorgverleners zonder obstakels kennis en gegevens uitwisselen en de burger inzicht heeft in zijn eigen gezondheid. Zij weet ook dat dit alleen kan door de juiste samenwerking. En dat kan per regio verschillen.

Niet gebonden aan een leverancier, product of technologie en daardoor flexibel in het bedenken en samenbrengen van IT-oplossingen, bouwen Ruud Beuman en Danny van Neer van The Care Society samen met zorgorganisaties, samenwerkingspartners en burgers

een goed werkend zorgsysteem. Danny van Neer: “Regio’s verschillen onderling. Wij zoeken per regio de beste samenwerkingspartners binnen ons netwerk: de Partner Society.” In samenwerking met SAP en Phoqus bijvoorbeeld, kan The Care Society oplossingen bieden, waarmee relevante informatie kan worden gedeeld, zodat de burger samen met de professional zijn eigen zorgplan kan opstellen.”

Handleiding overbodig

“SAP ontwikkelt technologische bouwstenen en zorgt dat toepassingen altijd werken en naadloos op elkaar aansluiten,” vertelt Cefas Dam, business development manager Healthcare bij SAP. “Wij kunnen data van verschillende zorgsystemen met elkaar verbinden. Omdat veel data opgesloten zit in een systeem, zijn er problemen met automatisering. Nieuwe technologieën maken het mogelijk oude systemen te verbinden en processen te integreren. Technologie kan ook eenvoud brengen. Het werkt hetzelfde als een app: je hebt geen handleiding meer nodig, het spreekt voor zich.”

Lijnen verbinden

Phoqus heeft de kennis en ervaring om klantvragen te vertalen naar praktische oplossingen. Zij begeleiden regio’s bij de implementatie en borging in de organisatie. John Koole, directeur van Phoqus: “Sinds 2005 ontwikkelt Phoqus frontend-oplossingen en portals waarmee informatiesystemen eenvoudiger én meer eindgebruiker gericht worden. De oplossingen die wij ontwikkelen met SAP-technologie zijn vooral in gebruik in de tweede lijn. Door politieke en maatschappelijke ontwikkelingen op het ge bied van informatiedeling in de keten, is er vraag naar systemen die deze integratie mogelijk maken. Wij maken het voor de eerste lijn mogelijk om ook met SAP-oplossingen te gaan werken. Zo kan er een verbinding worden gemaakt tussen eerstelijns- en tweedelijnszorg.”

“Juist in de zorgsector is dit relevant”, legt Ruud Beuman van The Care Society uit. “De zorg moet beter worden afgestemd op het individu. In een netwerk moeten alle partners bij elkaar gebracht worden. Door onze samenwerking kunnen wij partijen met elkaar verbinden.”

Auteur: Ingrid Hendrikx

Download het volledige artikel hier:

Op weg naar een regionaal samenwerkingsplatform

Op 12 oktober 2017 hield Portavita het derde seminar over regionale samenwerking in buitenplaats Mereveld in Utrecht. Thema van het symposium: hoe kunnen innovatieve ICT-platforms de regionale samenwerking tussen zorgpartners versterken en ondersteunen? Vertegenwoordigers van regionale samenwerkingsverbanden, trombosediensten en betrokkenen waren aanwezig.

Betere zorguitkomsten per gespendeerde euro kunnen alleen gerealiseerd worden door een constructieve samenwerking over de hele keten van preventie, zorg en welzijn. Makkelijker gezegd dan gedaan, zo blijkt uit onderzoek van dr. Pim Valentijn, adjunct-directeur Essenburgh Training & Advies en senior-onderzoeker bij Maastricht University en Maastricht MUMC+. “Het succes van regionale samenwerking is de optelsom van de inzet van alle betrokken partijen. Toch blijkt juist samenwerking tussen zorggroepen en ziekenhuizen het grootste struikelblok op weg naar betere regionale uitkomsten. Gedeelde verantwoordelijkheid over de zorgkwaliteit, de kosten en het nieuwe integrale verdienmodel is een andere, veel genoemde uitdaging.”

Ook de juiste functionele randvoorwaarden, zoals integrale ICT-platforms, zijn onmisbaar om regionale samenwerking duurzaam te verankeren, constateert Valentijn. “Juist op het gebied van deze functionele randvoorwaarden valt in Nederland nog een wereld te winnen.”

Multidimensionaal

Jos van Berkel, specialist Ouderengeneeskunde in Gelders Rivierenland, werkt in een netwerk van regionale samenwerking met huisarts, thuiszorg, regionaal ziekenhuis, vrijwilligers, patiënten en hun mantelzorgers. Gezondheid is multidimensioneel, stelt hij, met zowel fysieke, psychische als sociale componenten. Alleen door multidisciplinaire samenwerking kunnen problemen van kwetsbare ouderen behandeld worden. “Dat betekent dat je kennis deelt en multidisciplinaire behandelafspraken maakt. Dat kan alleen als je alle informatie voor iedereen toegankelijk maakt. Samen met Portavita hebben we daarom een zorgpad Kwetsbare ouderen op het Portavita-platform ingericht. Alle informatie komt daar samen. Je kunt erin lezen wie wat doet, wat de behandelafspraken zijn, noem maar op. Alle zorgverleners hebben er toegang toe.”

Een drempel is wel dat iedere zorgverlener daarnaast met het ICT-systeem van de eigen organisatie werkt. “Dat is niet optimaal, maar wel de realiteit. We moeten onze ICT-systemen dus goed op elkaar laten aansluiten.”

Regionale overlegtafel

Van Berkel is niet de enige zorgverlener die hiermee worstelt. Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) schreef er recent een visiedocument over: De regionale overlegtafel. Edo Westerhuis, COO van Portavita begrijpt het probleem. “Zorgverleners gebruiken het ICT-platform van hun eigen organisatie, maar willen tegelijkertijd ook kunnen werken met een functionaliteit waarmee ze met andere zorgverleners kunnen samenwerken. Het Portavita Platform heeft de bouwstenen om zo’n regionale overlegtafel tot een succes te maken.”

Auteur: Michel van Dijk

Download het volledige artikel hier:

Proactieve samenwerking voorkomt oneigenlijke opnames ouderen

Zorgbehoevende ouderen wonen langer thuis en verhuizen alleen in het uiterste geval naar een verzorgingshuis. Dat voert de druk op de gezondheidszorg behoorlijk op. Wachtkamers zijn overvol; op piekmomenten raken SEH’s verstopt. In de proeftuin MijnZorg in Oostelijk Zuid-Limburg lukt het specialisten, huisartsen en wijkverpleegkundigen de ouderenzorg te verbeteren door intensieve samenwerking. “We streven allemaal hetzelfde doel na: de juiste zorg op de juiste plek.”

“Soms kan met geringe inspanning zo’n grote verbeterslag worden gemaakt”, vertelt kaderhuisarts ouderengeneeskunde Frank Guldemond met zichtbaar genoegen op het kantoor van Huisartsen Oostelijk Zuid-Limburg (HOZL). “Hier in Heerlen zijn de dienstdoende avond- en nachtwijkverpleegkundigen van MeanderZorggroep sinds kort gekoppeld aan de Huisartsenpost en de SEH in Zuyderland Medisch Centrum. Het blijkt een wonderbaarlijke quick win, die niet voor niets landelijk navolging krijgt. Voorheen reed de Ambulante Nachtzorg nog standaard vanuit Verpleeghuis Lückerheide door de regio om ouderen thuis te verzorgen. Contact met huisartsen en specialisten was er nauwelijks. Door deze wijkverpleegkundigen simpelweg een werkplek te geven op de HAP in Heerlen leerden ze elkaar kennen. Met alle positieve gevolgen van dien.”

Paul Kuipers, Senior Beleidsmedewerker Transmurale Zorg van Zuyderland vult aan. “Men vond elkaar al snel in hetzelfde streven: de juiste zorg op de juiste plek. Er is onderling veel waardering. De vraag wie het best op huisbezoek kan gaan, huisarts of wijkverpleegkundige, vormt nu een vast onderdeel van de triage op de huisartsenpost.”

Guldemond: “En geloof me, die wijkverpleegkundige kan echt wonderen verrichten. Goede basiszorg voorkomt onnodig huisbezoek van de huisarts, zelfs oneigenlijke ziekenhuisopnames.”

Kuipers: “En stel, een 86-jarige alleenstaande vrouw komt ’s nachts wél met een gebroken arm op de SEH terecht. Voorheen lag opname in een ziekenhuisbed al snel voor de hand. Waar moest de patiënt anders heen? Nu merken we: als de wijkverpleegkundige goede nazorg biedt, kan zo’n dame vaak toch veilig naar huis. In de eerste plaats beter voor haar. Ziekenhuisopname kan mensen op hoge leeftijd behoorlijk ontwrichten. Blijkt opname alsnog nodig, dan heeft de wijkverpleegkundige de zorg ook heel snel opgeschaald.”

Zorgcontinuüm

De koppeling van Ambulante Nachtzorg aan SEH en HAP is een eerste succes van het Project Zorgcontinuüm voor ouderen. Dit project loopt binnen de proeftuin MijnZorg Oostelijk Zuid-Limburg. Betrokken zorgpartners – Huisartsen OZL, Zuyderland Medisch Centrum, zorgverzekeraar CZ, patiëntenorganisatie Huis voor de Zorg, VVT-organisaties Meander, Cicero en Sevagram, en de gemeenten Heerlen en Kerkrade – werken intensief samen om ouderenzorg kwalitatief goed, toegankelijk en toch betaalbaar te houden.

Auteur: Ingrid Beckers

Download het volledige artikel hier:

Positieve Gezondheid stimuleert domeinoverstijgende samenwerking in Meppel

Positieve Gezondheid is een van de belangrijkste pijlers van gezondheidszorg in de toekomst. Vanuit die overtuiging realiseerde huisarts Carola Penninx met drie collega huisartsen, een fysiotherapeut en een apotheker een multidisciplinair gezondheidscentrum in Meppel. “Het geeft ons een ingang om op een andere manier met zorg bezig te zijn”, vertelt ze enthousiast.

Het initiatief voor een nieuw gezondheidscentrum in Meppel ontstond vier jaar geleden. Na een college transitiekunde van Jan Rotmans zochten de initiatiefnemers contact met Machteld Huber. Vervolgens trokken ze zich letterlijk terug op de hei om te brainstormen over gezondheidszorg in de toekomst en de uitgangspunten van hun nieuwe multidisciplinaire gezondheidscentrum. “Het aantal ouderen en mensen met chronische ziekten neemt toe en er komt steeds meer zorg naar de eerste lijn”, constateert Penninx. “Het vak van huisarts wordt hierdoor breder. We krijgen meer taken waarvoor we buiten ons eigen domein moeten treden en moeten samenwerken met welzijn en preventie. Positieve Gezondheid verbindt de domeinen en biedt mij als dokter een ingang om breed naar mensen te kijken.”

Letterlijke integratie

Een voormalige bouwmarkt bleek de ideale ruimte om de geïntegreerde zorg voor ‘de mens als geheel’ vorm te geven. Penninx: “Om invulling te geven aan Positieve Gezondheid moeten de eerste lijn, maatschappelijk werk en welzijn echt samenwerken. Dankzij de grote oppervlakte van ons pand konden we de disciplines allemaal op de begane grond huisvesten, rondom een plein waar we elkaar tegenkomen.”

Regie bij de patiënt

Het mooie van Positieve Gezondheid is dat je de regie teruglegt bij de mensen zelf, vindt Penninx. “Ik kan als dokter wel vinden dat iemand meer moet bewegen, maar waar wil hij of zij zelf mee aan de slag? Dat ontdek je wanneer je gebruikmaakt van het spinnenweb voor Positieve Gezondheid. De oplossing ligt vaak op maatschappelijk vlak. Aan chronische artritis kun je niet zoveel doen, maar de beleving van pijn kan positief beïnvloed worden wanneer iemand afleiding zoekt bij welzijnsactiviteiten in de buurt.”

Verbindingen

De samenwerking met andere zorgverleners en domeinen heeft een impuls gekregen door de nieuwe aanpak. “Er zijn 120 professionals verbonden aan het centrum en iedereen is er enthousiast mee aan de slag. Binnenkort komen we weer een avond bij elkaar om Positieve Gezondheid in workshops verder uit te diepen. Dat levert enorm veel inzichten en verbindingen op, bijvoorbeeld met initiatieven gericht op beweging, de ouderenpoli, de stresspoli, verloskundige zorg, de ADHD-poli. Deze aanpak zorgt ervoor dat we geïntegreerd blijven samenwerken en niet terugvallen in ons eigen kunstje.”

Auteur: Margriet van Lingen

Download het volledige artikel hier:

Tien principes voor regionale samenwerking rond doelmatig geneesmiddelgebruik

Hoe geef je succesvol vorm aan regionale samenwerking? Het RIVM onderzoekt dit op verschillende fronten. Om te beginnen zijn nu tien leidende principes in kaart gebracht voor verbetering van regionale samenwerking om veilig geneesmiddelengebruik en doelmatig voorschrijven van medicatie te bevorderen.

Een betere inrichting van preventie, zorg en welzijn. Hogere kwaliteit van zorg, betere gezondheid en lagere kosten. Met die doelen voor ogen zijn in de afgelopen jaren regionale samenwerkingsverbanden ontstaan. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) volgt sinds 2013 een aantal van deze regionale initiatieven, namelijk de proeftuinen ‘Betere zorg met minder kosten’. Een van de hoofdvragen daarvan is: ‘Hoe geef je succesvol vorm aan regionale samenwerking?’

“Een van de eerste concrete interventies van deze regionale samenwerkingsverbanden was betere en meer efficiënte farmaceutische zorg”, zegt onderzoeker Hanneke Drewes, coördinator van de landelijke monitor proeftuinen van het RIVM. “Wij hebben in zeven regionale initiatieven onderzocht hoe die samenwerking rondom farmaceutische zorg tot stand is gekomen”, vertelt Betty Steenkamer, die promotieonderzoek verricht bij Caroline Baan, hoofd van de RIVM-afdeling Kwaliteit van Zorg en Gezondheidseconomie en hoogleraar integrale gezondheidszorg aan de Tilburg Universiteit.

Leidende principes

De onderzoekers spraken met dertig personen over de regionale samenwerking rondom doelmatig geneesmiddelengebruik. Het ging om huisartsen, apothekers, internisten, cardiologen, vertegenwoordigers van Zorgbelang, representanten van zorgverzekeraars en projectmanagers. Verder onderzochten ze wat op papier was gezet. Welke afspraken lagen er bijvoorbeeld en hoe waren de processen ingericht?

Het resultaat: tien leidende principes die een inspiratiebron kunnen zijn voor andere regionale samenwerkingsverbanden. Tien principes die, zo stelt Baan, de organisatie van goede samenwerking onderbouwen wanneer ze in samenhang worden geïmplementeerd. En waarschijnlijk eveneens toepasbaar zijn op andere terreinen dan dat van geneesmiddelen”, aldus Drewes.

  1. Organiseer commitment op basis van een langetermijnvisie
  2. Organiseer samenwerkingen met coöperatie en representatie op bestuurlijk niveau
  3. Maak gebruik van een gelaagde governance-structuur
  4. Creëer bewustzijn op alle niveaus
  5. Organiseer interpersoonlijke relaties op alle niveaus
  6. Richt een lerende omgeving in
  7. Organiseer gezamenlijke verantwoordelijkheid
  8. Stem financiële strategieën af op de markt
  9. Organiseer gezamenlijke voordelen
  10. Toets regionale afspraken aan landelijk beleid en landelijke wet- en regelgeving
Meer inzicht

De kracht zit hem in de inzichten uit de ervaringen van de proeftuinen die ónder de tien principes liggen, vertelt Steenkamer. Inzicht in deze details geeft je de mogelijkheid de strategie vorm te geven die past bij jouw omgeving.”

Download voor meer inzicht het volledige artikel.

Auteur: Gerben Stolk

Download het volledige artikel hier: