Wat is jouw meest urgente agendapunt voor de eerstelijns gezondheidszorg als je na de zomervakantie weer aan het werk gaat, psychiater Remke van Staveren?

‘Het ggz-aanbod wordt ondoelmatig gebruikt’

“De wachttijden in de ggz. Als consulent voor de huisartsen merk ik welke kopzorgen zij en andere verwijzers hebben, ze krijgen patiënten gewoon niet verwezen. Dat vind ik schaamtevol, maar ik zie wel ook een onderliggend probleem. De huisarts en de poh-ggz verwijzen liefst naar een ggz-aanbieder die ze kennen. Niets ten nadele van die partijen, maar er zijn ook nieuwe aanbieders en daar kijken ze onvoldoende naar. Ik werk bijvoorbeeld ook voor een F-ACT-team van een ggz-aanbieder en bij BuurtzorgT, de snelst groeiende nieuwe aanbieder op dit gebied, en ik zie dat ze die toch niet altijd op hun netvlies hebben. Ook de herstelbeweging biedt mogelijkheden. Mensen kunnen zich daar zelf aanmelden, en ik zie hoe veel van hen daar echt opknappen. Hetzelfde geldt voor de respijthuizen. Wat daar zo goed aan is, is dat je er geen patiënt bent, maar iemand met een psychische klacht onder mensen met dezelfde klacht. Huisartsen stonden recent versteld toen ik hen tijdens een nascholing vertelde over het ggz-aanbod in hun eigen buurt.

Het probleem is niet dat er onvoldoende psychiaters of psychologen zijn of het ggz-aanbod te beperkt is, maar dat het ondoelmatig wordt gebruikt. Patiënten worden – puur uit compassie en moeite om ze los te laten – te lang vastgehouden. In het F-ACT team waarin ik actief ben, tref ik mensen die al voor de negentiende keer voor een traject worden aangemeld of al twintig jaar in zorg zijn. De ggz moet krimpen en moet terugkeren naar de specialistische ggz, zoals ze oorspronkelijk bedoeld is. Er is voldoende ander aanbod.”

Remke van Staveren