De sociale context van de palliatieve fase
Palliatieve zorg is voor Van Bennekom geen nieuw thema. Ze had het al in haar portefeuille in de tijd (2008-2011) dat ze bij het ministerie van VWS directeur langdurige zorg was. “Een zwaar dossier met weinig ondersteuning waar we het in de randen van onze activiteiten wel eens over hadden”, zegt ze. “In latere toezichthoudende functies zag ik de worsteling van het veld met dit onderwerp.” Toen ze in maart 2022 afscheid nam van haar bestuursfunctie in de verpleeghuissector, wilde ze graag weer aan de slag in het maatschappelijk veld.
“En toen kwam Agora voorbij”, vertelt ze. “Wat me hier zo aanspreekt, is het uitgangspunt dat het in de palliatieve fase van mensen om zoveel meer gaat dan zorg alleen. Kwaliteit van leven, dagbesteding, zingeving. Werk ook, afhankelijk van de leeftijd. Vanuit de sociale context is heel veel nodig om mensen te kunnen blijven laten meedoen, maar ook om te zorgen dat ze zelfstandig kunnen blijven, richting kunnen blijven geven aan hun leven. Vaak is de bestaanszekerheid van mensen in de palliatieve fase in het geding. Het is dus echt zaak om meer oog te krijgen voor de behoeften, wensen, waarden en sociale omgeving deze kwetsbare groep.”
In de kennis en instrumenten die Agora aanbiedt over zorg en ondersteuning voor mensen in de palliatieve fase en naasten, staat de sociale benadering centraal. Agora streeft naar integrale aandacht in de zorg en het sociaal domein voor vier dimensies: fysiek, sociaal, psychisch en zingeving. “Voor een brede sociale benadering van zorg is de verbinding met het sociaal domein nodig”, zegtVan Bennekom. “Die aansluiting tussen zorg en sociaal domein is echt een uitdaging. En in de huidige transformatieagenda’s – Integraal Zorgakkoord en Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen, is die echt de ontbrekende factor. De vraag die we moeten beantwoorden is dus hoe we ervoor kunnen zorgen dat het sociaal domein in positie komt.”
Het hele artikel lezen? Download het hier!