Zelfmanagement ontrafeld

In acht artikelen verkennen we verschillende aspecten van zelfmanagement. ZonMw deelt hierin de resultaten van onderzoek en ontwikkelprojecten. In deel één ontrafelt Jaap Trappenburg het begrip. Hij legt uit dat zelfmanagement geen haarlemmerolie is en signaleert toekomstige ontwikkelingen. Trappenburg is senior onderzoeker bij het Julius Centrum Utrecht en projectleider van de onderzoekslijn TASTE (Tailored Self-management & eHealth).

Een jaar of vijftien vormt zelfmanagement al de rode draad in het onderzoek van Jaap Trappenburg en het onderwerp intrigeert hem nog altijd. “Amerikaanse gedragswetenschappers hebben het concept zelfmanagement ontwikkeld. Het programma (Stanford Chronic Disease Self-management Program) bleek in Amerika zeer succesvol. Vervolgens zijn in verschillende landen aan de lokale zorgcontext aangepaste versies ontwikkeld. In Canada bijvoorbeeld, bleek Living Well With COPD zeer succesvol. In Nederland, rond het millennium, had het programma echter beduidend minder effect. Hoe kan dat? Die vraag vormt de aanleiding voor de ‘ontrafelende’ onderzoekslijn TASTE.”

Herschikking

Als je uitspraken wilt doen over de meerwaarde, moet je wel weten wáár je het over hebt, zegt Trappenburg. Dat is lastig, want interpretaties en perspectieven buitelen over elkaar heen. Beleidsmakers en overheid die zelfmanagement omarmen, interpreteren het volgens de onderzoeker vaak als verschuiving in verantwoordelijkheid. Taken die eerst door een zorgverlener of andere partij uitgevoerd worden, gaan naar de patiënt. Niet zozeer omdat dat goed is voor de patiënt, maar om de zorg betaalbaar te houden. “Tegelijkertijd sluit zelfmanagement goed aan bij de tijdgeest. Burgers vinden het fijn om meer autonomie en eigen regie te hebben.”

Maar, die interpretatie is niet in lijn met het oorspronkelijke Amerikaanse concept, benadrukt Trappenburg. “Daar ging het primair om het actief bevorderen van competenties en kennis bij de chronische patiënt om zijn eigen ziekte te managen. Vanuit een therapeutische stimulus.”

Massale investering

Iedereen doet aan zelfmanagement, maar niemand is automatisch een goede zelfmanager van zijn ziekte. Dat moet je van anderen leren, benadrukt Trappenburg. “Wanneer ik een aandoening krijg, moet ik in een leertraject competenties en kennis opdoen om mijn ziekte te monitoren en mijn leven met de ziekte in goede banen te leiden. Onderschat dit niet! Ik durf te stellen dat een groot deel van de Nederlandse chronisch zieken bij dit leerproces suboptimaal begeleid is.”

Het is een van de redenen waarom de vraag of zelfmanagement wérkt zo moeilijk te beantwoorden is. “Zelfmanagementprogramma’s waarbij patiënten zes maanden lang een didactische ‘stootkuur’ krijgen met multidisciplinaire ondersteuning om alles te leren wat ze nodig hebben om zelfmanagend te kunnen zijn, blijken in de literatuur en in experimentele settings effectief. Maar die programma’s komen in de dagelijkse praktijk niet voor.”

Auteur: Els van Thiel

Download het volledige artikel hier: