Oriëntatie op kwaliteit is van belang voor een breed gedragen toepassing van formularia

Het formularium nieuwe stijl

Een oud fenomeen in een nieuw jasje. In Groningen (1991) en Nijmegen bestond het formularium al jaren. Door apothekers, huisartsen en medisch specialisten bedacht om de medicatie te standaardiseren. Maar er zijn ook moderne varianten. De Eerstelijns analyseert.

De eerste golf formularia is opgekomen door initiatieven van zorgaanbieders: apothekers, huisartsen en medisch specialisten. Soms zelfs – toen al – in afstemming met patiëntenorganisaties. De belangrijkste redenen waren kwaliteitsverbetering, therapietrouw en transmurale standaardisatie. Doelmatigheid was een bijkomend voordeel.

Kwaliteit versus kosten

Inmiddels is er een nieuwe golf van formularia. Hoewel kwaliteit nog steeds in de doelstellingen staat, is kostenbeheersing vaak het belangrijkste geworden. De medicatie in een formularium wordt niet langer uitgekozen op basis van kwaliteitsvraagstukken, maar op basis van kosten. gaat het niet meer (alleen) om het molecuul, maar ook om het device, zoals de inhalator of insulinepen. En dat roept wel wat vragen en reacties op.

Kanttekeningen

Het Longfonds is geen voorstander van de nieuwe benadering . Zij vindt dat het zou moeten gaan om de optimale match tussen mens, ziekte, medicatie en device. In combinatie met een goede diagnose en regelmatige, eenduidige inhalatie-instructie. Het Longfonds constateert echter dat er formularia ontstaan die beïnvloed worden door zorgverzekeraars op basis van de prijs. De zorgaanbieders – apotheek, huisartsen en medisch specialisten – ontwikkelen een formularium en op basis daarvan organiseert de zorgverzekeraar een aanbesteding. De farmaceut met de laagste prijs wint en hun middel komt in het formularium te staan voor een bepaalde periode. Hoewel er meestal bepaald is dat bestaande patiënten niet worden overgezet en het formularium alleen van toepassing is op nieuwe patiënten, wordt in de praktijk door zorgverzekeraars ruim de mogelijkheid ingebouwd om ook bestaande patiënten zoveel mogelijk in te passen in het formularium.

De individuele patiënt wordt met financiële voordelen verleid om hierin mee te gaan. Door het overstappen naar een ander middel, neemt de kans op therapie-ontrouw en praktische problemen met het gebruik toe. Hierdoor kan de controle over de ziekte verminderen, constateert het Longfonds. En het vergroot de kans op longproblemen die elders in de zorgketen tot veel hogere kosten kunnen leiden, zoals een exacerbatie. Huisartsen zijn over het algemeen niet blij met een formularium dat de autonomie van het voorschrijven beperkt.

Formularia kunnen bijdragen aan beter op elkaar afgestemde zorg aan patiëntengroepen in een bepaalde regio. Oriëntatie op kwaliteit lijkt voor een breed gedragen toepassing van formularia de beste benadering. Kostenbesparing kan een resultante zijn van uniforme toepassing van het formularium. Essentieel hierbij is dat zorgverleners aan het roer staan.

Auteur: Xana van Jaarsveld (Longfonds) en Jan Erik de Wildt

Download het volledige artikel hier: