Met de invoering van RESV’s per 2027 staat de eerstelijnszorg voor een van de meest ingrijpende structuurwijzigingen in jaren. Jan Erik de Wildt schreef er een indringend drieluik over — en trekt conclusies die niet iedereen zal willen horen.
De eerstelijn heeft regionale tegenkracht nodig gaat Over de RESV als regieorganisatie — niet als uitvoerder — en wat er nodig is om gelijkwaardig aan tafel te zitten met zorgverzekeraars en gemeenten.
Over de auteur
Jan Erik de Wildt volgt de redesign van de eerstelijnszorg op de voet sinds 2000. Zijn blik is breed en zijn oordeel scherp: strategisch, financieel én organisatorisch. Waar anderen trends signaleren, heeft De Wildt ze al geduid. Hij wordt gezien als “trendwatcher die ontwikkelingen in de eerstelijnszorg als eerste ziet aankomen” en als “enthousiaste, bevlogen spreker met visie én realiteitszin.” Eigenwijs genoeg om te zeggen wat anderen vermijden. Deskundig genoeg om gehoord te worden.
Zijn missie is even helder als urgent: versterking van de eerstelijnszorg als fundament van solidariteit in het Nederlandse zorgsysteem — en het terugdringen van tweedeling waar dat mogelijk is.
In 2020 reikte InEen hem de Oeuvreprijs uit — een onderscheiding voorbehouden aan mensen met een zeer bijzondere staat van verdienste voor de eerste lijn. Directeur Anoeska Mosterdijk overhandigde de prijs met de woorden: “Je bent een bijzonder mens en je bent van bijzondere waarde geweest voor de eerste lijn.”
Benieuwd naar het het eerste artikel? Download hem hier!