Bijzonder hoogleraar Maria van den Muijsenbergh: “Gezondheidsverschillen verkleinen is wel degelijk haalbaar”
De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) stelt dat we niet langer moeten focussen op het verkleinen van gezondheidsverschillen in onze samenleving. Dit advies schiet Maria van den Muijsenbergh, bijzonder hoogleraar gezondheidsverschillen en persoonsgerichte integrale eerstelijnszorg aan het Radboudumc in Nijmegen, in het verkeerde keelgat. En in het alternatief dat de WRR voorstelt, negeert deze volgens haar de grote waarde van eerstelijnszorgaanbieders.
Van den Muijsenbergh wil meteen aan het begin van het gesprek duidelijk zijn: nee, ze is het niet eens met het uitgangspunt van de WRR dat gezondheidsverschillen niet te verkleinen zijn en dat het dus niet zinvol is daarop nog langer de aandacht te richten. “Met die gezondheidsverschillen zijn we al sinds de jaren tachtig bekend”, steekt ze van wal. “Uit onderzoek in Engeland werd volkomen duidelijk dat elke tree lager op de sociaaleconomische ladder het risico vergroot op jonger overlijden of een chronische aandoening ontwikkelen. Het is een buitengewoon hardnekkig probleem, maar het is echt nog te vroeg om te zeggen dat die gezondheidsverschillen verkleinen niet haalbaar is. In Engeland is acht jaar lang consistent beleid gevoerd en dat werkte. De economische crisis gooide vervolgens wel weer roet in het eten, maar we hebben dus gezien dat het mogelijk is. En dan vind ik het ook in moreel perspectief een verkeerd uitgangspunt om de handdoek in de ring te gooien. Ik vind het heel merkwaardig om te zeggen dat we het maar moeten vergeten.”