Congres Abonneren
×

Transitie van de zorg naar gemeente: de stand van zaken in drie regio’s

Transitiezorg: de stand van zaken in de regio’s Apeldoorn, Groningen en Rotterdam.

Sandra Bijl, huisarts in Rotterdam

De veranderingen in het sociale domein zijn in volle gang. Hiervoor is het noodzakelijk dat huisartsen en gemeenten meer samenwerken dan in het verleden, om de zorg voor kwetsbare mensen goed te stroomlijnen. Standaardoplossingen om dit te doen bestaan niet, want de sociale context kan in iedere gemeente – of zelfs wijk – anders zijn. Een tussenstand uit drie regio’s.

De gemeente Apeldoorn heeft met wethouder Paul Blokhuis een bestuurder (met in zijn portefeuille zorg en welzijn, volksgezondheid, Wmo en jeugd) die al veel werk heeft verzet om de huisartsen, de zorgverzekeraars en de gemeenten aan elkaar te koppelen. André Zents, accountmanager Wmo in de gemeente, vertelt: ‘Het contact tussen de gemeente en de huisartsen was al goed en vormde dus al een basis voor verdere ontwikkeling. Tijdens een recente bijeenkomst met huisartsen deed Blokhuis een appèl om samen op te trekken met de gemeente als het gaat over het grensvlak van het medisch en sociaal domein. Als gemeente hebben wij gezegd tegen de huisartsen: wij komen niet aan jullie rol, maar we willen wel bruggen slaan. Als een inwoner wordt geconfronteerd met beginnende eenzaamheid, moet iedereen weten waar naartoe zo iemand kan worden doorverwezen. Hierin hebben we een verdiepingsslag kunnen maken door aan de bijeenkomst met de huisartsen een gevolg te geven in de vorm van operationele bijeenkomsten tussen de huisartsen en de wijkteams. De sociale infrastructuur op wijkniveau was al in kaart gebracht.

Op basis daarvan zijn in die bijeenkomsten alle ontmoetingsplaatsen en vormen van professionele begeleiding nogmaals doorgenomen, waarbij wij als gemeente hebben geschetst hoe wij indiceren en welke ondersteuning wij bieden.’

Is er overlap, of zijn er juist lacunes tussen wat de huisartsen en de gemeenten doen? ‘Van allebei wel een beetje’, zegt Zents. ‘Ik hoorde bijvoorbeeld het verhaal van een huisarts uit een van de dorpen van onze gemeente, die vertelde dat patiënten echt voor álles bij hem komen, zelfs voor hulp bij het invullen van het belastingformulier. Dat hoeft niet, want daarvoor heeft de gemeente een inlooppunt.’

In Groningen was tot april 2014 sprake van een bijzondere situatie omdat de beleidsfunctie volksgezondheid daar was ondergebracht bij de GGD. Hermien Bazuin, senior beleidsadviseur beleidsunit maatschappelijke ontwikkeling bij de gemeente Groningen, deed zowel voor de gemeente als voor de GGD beleidstaken. ‘April vorig jaar is de beleidsfunctie bij de gemeente ondergebracht’, vertelt ze. ‘Maar vanuit de periode daarvoor bestond er bij de GGD al jaren structureel contact met de huisartsen en met ELANN, de ROS. Ook was er vanuit de gemeente Groningen al bestuurlijk overleg met een aantal huisartsen en met ELANN over de raakvlakken tussen beide partijen, zoals preventie. Natuurlijk zijn de individuele huisartsen autonoom in hun handelen, maar er lagen wel al lijnen en er werd op wijkniveau wel samengewerkt in projecten. Wel merkten we dat het wat moeilijker was om huisartsen te betrekken bij de bijeenkomsten die we naast dit alles als gemeente belegden over de transities. De uitnodigingen daarvoor leverden niet altijd respons op. Voor de werkgroepen die we belegden om te spreken over de Jeugdwet was dit meer het geval, naarmate het concreter vorm kreeg.’