Congres Abonneren
×

Krijgen de voornemens werkelijk impact of is het slechts een tijdelijke opwelling?

Debat in Rode Hoed met relevante spelers over toekomst huisartsenzorg naar aanleiding van manifest Het Roer Moet Om. Bekijk hier de samenvatting.

De landelijke huisartsenverenigingen, zorgverzekeraars, de Autoriteit Consument & Markt (ACM) en het ministerie van VWS staat een drukke zomer te wachten. Op 10 juni nodigde VWS-bewindsvrouw Edith Schippers de partijen uit voor 1 oktober met haar te overleggen over knelpunten in het overleg tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars en eventuele aanvullende maatregelen binnen het bestek van de huidige regelgeving of aanpassing daarvan.

De woorden van de minister – uitgesproken in een eivol debatcentrum de Rode Hoed te Amsterdam – vormden de voorlopige climax van een discussie en sfeer die ontstonden nadat huisartsen in maart een manifest met de titel “Het roer moet om” hadden vastgetimmerd op de deuren van de Tweede Kamer. Drie maanden later was het stuk ondertekend door bijna achtduizend beroepsgenoten en ruim 18 duizend sympathisanten.
De bijeenkomst in de Rode Hoed had dezelfde titel als het manifest. De discussiepunten vloeiden er ook rechtstreeks uit voort. Schippers, parlementariërs, bestuursvoorzitters en vertegenwoordigers van de zorgverzekeraars Achmea, CZ, VGZ, Menzis en DSW en bestuurders van InEen, LHV en NHG kruisten ten overstaan van driehonderd bezoekers de degens over drie thema’s. Eén: haal de huisarts uit de mededinging. Twee: de bureaucratie moet gehalveerd worden (… en misschien wel blijvend verdwijnen). Drie: de zorgverzekeraar is niet in staat de zorgkwaliteit van de zorg te beoordelen.

Moet huisartsenzorg niet langer onder de Mededingingswet vallen? LHV-voorzitter Ella Kalsbeek oogstte een ovatie met haar betoog dat deze wet is bedoeld voor onder meer garagehouders, aannemers en banken, maar dat het werk van de huisarts apart zou moeten worden geregeld binnen een wet marktwerking gezondheidzorg. ‘Zodat je zorg-specifieke regelgeving krijgt’, lichtte zij toe.
Chris Oomen, bestuursvoorzitter DSW, was de enige vertegenwoordiger van een zorgverzekeraar die dit onderschreef: ‘Ik zie in het huisartsenvak geen enkele vorm van markt. Zet de huisarts dan ook niet in de Mededingingswet, want je boezemt huisartsen uiteindelijk angst in om datgene te doen wat ze moeten doen: samenwerken. Ik snap niet dat er 12 duizend verschillende huisartsen moeten zijn die een bepaalde concurrentie met elkaar moeten aangaan die er in het geheel niet is.’
Wim van der Meeren, lid Raad van Bestuur CZ, vatte het dilemma samen: ‘Het blijft lastig: huisartsen zoeken economische zelfstandigheid, maar willen niet meedoen aan de markt.’