Behoefte aan maatwerk op alle niveaus in diabeteszorg

De diabeteszorg staat er goed voor, maar er is ruimte voor verbetering. Zo concludeerde men in oktober tijdens de conferentie van de Nederlandse Diabetes Federatie en InEen.

De Nederlandse diabeteszorg staat er goed voor. Zij neemt een tweede plaats in onder de dertig Europese landen, zo blijkt uit de Euro Diabetes Index 2014. En volgens een recente studie is de sterfte onder mensen met type 2-diabetes de afgelopen twintig jaar bijna gehalveerd en vergelijkbaar met de sterfte onder mensen zonder diabetes. Toch valt er nog een kwaliteitsverbetering te maken, zo concludeerde men in oktober tijdens een conferentie van de Nederlandse Diabetes Federatie en InEen.

Op welke wijze kunnen we de best mogelijke diabeteszorg zo efficiënt mogelijk realiseren? Dit was de centrale vraag tijdens de conferentie die de Nederlandse Diabetes Federatie (NDF) en InEen 2 oktober jongstleden hadden georganiseerd. Aanleiding was het recente promotieonderzoek van dr. Marjo Campmans–Kuijpers over het kwaliteitsbeleid van zorggroepen en poliklinieken. Het onderzoek werd uitgevoerd door het Julius Centrum (UMC Utrecht), samen met het RIVM en het Kenniscentrum Ketenzorg Zwolle, in het kader van het door de NDF gecoördineerde Nationaal Actieprogramma Diabetes.

Ruim zestig mensen uit alle bij de diabeteszorg betrokken geledingen waren naar de conferentie in Amersfoort gekomen. In zijn openingswoord schetste dagvoorzitter Guy Rutten, hoogleraar diabetologie (Julius Centrum) de vooraanstaande tweede plaats die de Nederlandse diabeteszorg onder dertig Europese landen volgens de Euro Diabetes Index 2014 inneemt. In het rapport worden met name de multidisciplinaire aanpak en de sterke positie van de eerste lijn in Nederland geprezen. Hij haalde ook een recente studie uit Nijmegen aan, die laat zien dat de sterfte onder mensen met type 2-diabetes de afgelopen twintig jaar bijna gehalveerd is en vergelijkbaar met de sterfte onder mensen zonder diabetes. Kan het nog beter? In zijn voordracht gaf Arnold Romeijnders, directeur van zorggroep PoZoB, meteen het antwoord. Hij sprak namens InEen en toonde aan dat het vergelijken van kwaliteitsindicatoren tussen zorggroepen onderling en tussen huisartspraktijken binnen zorggroepen goede aanknopingspunten bieden voor kwaliteitsverbetering.

Download het volledige artikel hier: