De lokale organisatiekracht van Stichting 1+ Samenwerking

Directeur Herma Barnhoorn, Stichting 1+ Samenwerking: “lokale organisatie bij uitstek geschikt voor organiseren persoonsgerichte zorg”

Verder lezen? Hier kunt u inloggen.

In Velp en Rozendaal wonen verhoudingsgewijs veel ouderen. De zorgverleners verenigd in de Stichting 1+ Samenwerking spelen daarop in met ‘stepped care’ ouderenzorg. Een aanpak over disciplines heen, waarbij de kwaliteit van leven voorop staat. Resultaat: tevreden patiënten, betere zorg en lagere kosten. Volgens 1+-directeur Herma Barnhoorn is dat de kracht van het multidisciplinaire samenwerkingsverband in de eerste lijn.

Met elkaar samenhangende zorg leveren, afgestemd op de behoefte van de populatie. Dat is de missie van Stichting 1+ Samenwerking, het multidisciplinaire samenwerkingsverband van zelfstandige eerstelijnszorgaanbieders in Velp en Rozendaal. Directeur Herma Barnhoorn is ervan overtuigd dat lokale organisaties bij uitstek geschikt zijn voor het organiseren van persoonsgerichte zorg. “Onder meer omdat we ervoor zorgen dat zorgverleners op de hoogte zijn van elkaars aanbod en elkaars kracht.”

Expertise

Het vertrekpunt voor het organiseren van samenhangende zorg voor de inwoners van Velp en Rozendaal, zijn de specifieke kenmerken van de populatie. Barnhoorn: “Na Doorwerth is dit het dorp met relatief gezien de meeste ouderen. Dat merken alle zorgverleners, de huisarts voorop. Zeker nu er steeds meer ouderen met hoogcomplexe problematiek naar de eerste lijn komen.” Om de bekende crisissituatie op de vrijdagmiddag voor te zijn, ging Stichting 1+ Samenwerking meedenken in een pilot om de kennis en kunde uit verzorgings- en verpleeghuizen naar de eerste lijn te halen. “Specialisten ouderengeneeskunde werken nu vanuit een eigen eerstelijnspraktijk, samen met geriatrisch verpleegkundigen en een maatschappelijk werker.”

Stepped care

Ondersteund door de Stichting 1+ Samenwerking werd in Velp ‘stepped care’ ouderenzorg ontwikkeld. “Wanneer ouderen nog redelijk zelfredzaam zijn en met klachten bij de huisarts komen, kunnen zij dat prima zelf af. Zodra er wat meer zorg nodig is, komt de praktijkondersteuner ouderen in beeld. Die gaat bijvoorbeeld vaker thuis kijken of belt op na een ziekenhuisopname. Als POH en huisarts er samen niet uitkomen, consulteren zij een specialist ouderengeneeskunde. Blijkt de situatie te complex voor behandeling vanuit de huisartsenpraktijk, dan wordt er verwezen naar de specialist ouderengeneeskunde. Die gaat op huisbezoek en biedt persoonsgerichte zorg.”

Auteur: Margriet van Lingen