De Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) en InEen vinden dat de monitor Contractafspraken huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg veel vragen oproept. De NZa ziet deze eerste monitor vooral als een nulmeting die helpt volgend jaar in de tweede monitor in kaart te brengen hoe in de contractafspraken invulling wordt gegeven aan de doelstellingen uit het hoofdlijnenakkoord.

Eerste monitor huisartsenzorg NZa uitnodiging discussie én zelfreflectie

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) maakt marktscans en monitors om inzicht te geven in hoe de zorg wordt geleverd en in wat nodig is om die ook in de toekomst beschikbaar, betaalbaar en van goede kwaliteit te laten zijn. Dit doel heeft ook de monitor Contractafspraken huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg. Een monitor die rechtstreeks samenhangt met het hoofdlijnenakkoord huisartsenzorg 2019-2022 en de contractafspraken in het verlengde daarvan, zegt Wouter Hobbelink, beleidsmedewerker en projectleider monitor bij de NZa.

Innovatieve contracten

“Om invulling te geven aan de hoofdlijnenakkoorden, zijn innovatieve contracten nodig. Met de monitor laten we zien of en hoe hieraan invulling wordt gegeven. De monitor schetst een beeld van hoe de afspraken in het hoofdlijnenakkoord landen in de praktijk. Het is vervolgens aan de aanbieders van huisartsenzorg en de zorgverzekeraars om hier werk van te maken.”

Op basis van deze eerste monitor gaat de NZa in gesprek met de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV) en InEen.

Bekostiging geen doel op zich

Bij de aandacht die het onderdeel bekostiging nu in de discussie krijgt, plaatst Hobbelink graag een kanttekening. “Bekostiging is geen doel op zich en vormt ook geen centraal punt in de monitor. Daar waar het gesprek tussen de huisartsen en de zorgverzekeraars over hoe de zorg in de regio moet worden ingericht nog niet goed verloopt, is het makkelijk om in discussie over de bekostiging te vervallen. De complexiteit die de bekostiging nu kent, biedt voldoende haakjes om dit te doen, maar het is niet waarover de twee partijen het écht zouden moeten hebben.”

Gezamenlijk regionaal plan

Hij vervolgt: “De kern van het hoofdlijnenakkoord is dat ze samen een plan vormen over wat nodig is voor de zorg in de regio, om die toekomstbestendig te kunnen maken. Dat kan alleen in goed overleg op basis van partnerschap. Als je het over de bekostiging gaat hebben, heb je eigenlijk al een verkeerde afslag genomen. Gelukkig zien we overigens wel degelijk ook al regio’s waar het gesprek wel over de inhoud gaat.”

De monitor waarover in dit artikel gesproken wordt, kunt u hier vinden:

https://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_278393_22/1/

Auteur: Frank van Wijck