Pijntje hier pijntje daar, pijntje nu even niet

Lange wachtlijsten en verdampende zorg.

Pijntje hier pijntje daar, pijntje nu even niet
Verder lezen? Hier kunt u inloggen.

Door de coronacrisis ziet de huisarts ineens geen patiënten meer met gezondheidsvragen waarvan zij blijkbaar denken dat het antwoord ook wel wat langer op zich kan laten wachten. Verdampen die klachten of zorgen ze voor enorme wachtlijsten als de zorg gaandeweg weer terugkeert naar de normale situatie? Het antwoord is: allebei.

Het was een prikkelende column van huisarts Jurriën Wind op Medisch Contact: ‘Als sneeuw voor de zon’. De kern: alle flauwekulletjes en onzinconsulten zijn door het coronavirus weggeblazen, de dienst op de huisartsenpost is ineens een verademing. “Op de HAP is het altijd fijn als je patiënten ziet bij wie het ook echt nodig is dat ze op dat moment een huisarts zien”, zegt hij. “Onder normale omstandigheden heb je tien minuten per patiënt en gaat het in tientallen procenten van de gevallen om klachten die al meer dan twee weken bestaan. Nu zien we patiënten die ook echt iets hebben dat op dat moment om onze aandacht vraagt. Sportletsels zien we ook niet meer, want contactsporten mogen nu niet, de tennisbanen zijn leeg en de sportscholen zijn gesloten. Wat overblijft zijn de dingen die niet uitgesteld mogen worden. Die maken het werk op de HAP interessant. Eigenlijk heel wonderlijk: we roepen al heel lang dat we op de HAP alleen U1 en U2 willen zien, maar het lukt niet om de vraag daartoe te beperken. Nu is er een virus en het is voor elkaar.”

Kort voordat Wind zijn blog postte, merkte huisarts Joost Zaat op Twitter ook al op dat hij ineens geen patiënten met lage rugklachten meer zag. “Een groot deel van de klachten waarvoor mensen naar de huisarts gaan, gaat natuurlijk vanzelf over”, zegt hij, “niet alleen veel klachten van het bewegingsapparaat maar ook veel luchtwegklachten. En het valt mij nu op hoe groot de veerkracht van mensen is. De wereld wordt weer overzichtelijker, misschien hebben mensen daardoor nu wel minder last van neerslachtigheid of vage klachten.”

Nodig en onnodig

Betekent dit dat de huidige situatie het mogelijk maakt om een scheidslijn te trekken tussen nodige en onnodige zorg? Wind vindt van niet. “Mensen zijn ongerust en willen een antwoord op hun zorgvraag”, zegt hij. “De huidige situatie kan hen hooguit helpen scherper te krijgen welke van die vragen direct moeten worden opgelost en welke net zo goed kunnen wachten tot dat de volgende werkdag de eigen huisarts weer beschikbaar is.”

Zaat kijkt vanuit een iets breder perspectief naar de vraag. “We leveren op bepaalde punten veel te veel zorg”, zegt hij. “Zeker ook in de medisch-specialistische zorg. We doen bijvoorbeeld veel te veel dotterbehandelingen in Nederland. Er gaat ook nooit iets af in de zorg die vanuit het basispakket vergoed wordt. Zelfs als onderzoek uitwijst dat bijvoorbeeld fysiotherapie bij bepaalde knieklachten beter helpt dan een injectie, is er altijd wel weer iemand die ‘Maar bij mij werkt het wel’ zegt. Maar tegelijkertijd moet ik wel zeggen: zo weinig zorg als we nu leveren kan ook niet goed zijn. Een medisch specialist zei me recent dat hij al een paar keer een patiënt op de operatietafel had gehad met een doorgebroken ontstoken appendix. En een kankerpatiënt die wacht op een stamceltherapie loopt natuurlijk gewoon een reëel risico om op de wachtlijst dood te gaan.” Dat is Wind met hem eens. “We weten op dit moment niet of er mensen met een hartinfarct rondlopen die toch niet naar het ziekenhuis gaan”, zegt hij, “met alle mogelijke gevolgen van dien. We krijgen zeker met gigantische wachtlijsten te maken.”

Verdampende zorg

Toch zal een deel van de zorgvraag die nu niet kan worden ingelost verdampen, stelt Zaat. En Henk Schers, huisarts en docent en onderzoeker aan de Radboud Universiteit, is dit met hem eens. Hij zegt dat hij in zijn functie bij de Radboud Universiteit zeker onderzoek wil gaan doen naar de impact van de gedwongen opschorting van zorg nu en de trend die hieruit voortvloeit. “Ik ben bijvoorbeeld heel benieuwd of het een versnelling kan geven aan eHealth”, zegt hij. “Al hoor ik wel van collega’s dat ze er niets aan vinden om zo te werken en veel liever gewone spreekuren willen doen. Verder is het interessant om de dip in de zorg te onderzoeken, bijvoorbeeld bij hart- en herseninfarcten. Hoe komt het dat die er nu zijn? Daarvan gaan we zeker veel leren over hoe eerstelijnszorg werkt, wat de waarde is, en welke gevolgen systeemveranderingen op de langere termijn zouden kunnen hebben.”

Wegblijven of terugkomen

Aan het einde van zijn column op Medisch Contact vraagt Wind zich af: ‘Hoe houden we dit vast nadat virulentia corona ons land weer verlaten heeft?’. “Reken er maar niet op dat we dat gaan doen”, zegt Zaat onomwonden. “De vraag keert vanzelf weer terug.” Wind denkt daar anders over. Hij zegt: “De gemiddelde Nederlander zal na deze crisis meer vertrouwen hebben in de zorg en in de mensen die de zorg verlenen. Het druppelt wel door nu in de samenleving dat zorgprofessionals bereid zijn heel ver te gaan om zorg te leveren. De politiek en de beroepsverenigingen kunnen er een bijdrage aan leveren ervoor te zorgen dat mensen hier ook na deze periode oog voor houden en dus zorgvuldiger met die zorg omgaan. Ook de pers heeft daar een rol in.”

Schers plaatst zichzelf in het midden tussen deze twee standpunten. “Wat Wind zegt zal voor een beperkte groep patiënten gelden”, zegt hij. “De situatie nu biedt ook een kans om te kijken of hieruit iets van een blijvende beweging kan ontstaan. Je kunt mensen nu makkelijker op het spoor zetten van dingen zelf doen. Online therapieën bij milde psychische klachten bijvoorbeeld, bewegingsoefeningen via internet bij klachten van het bewegingsapparaat. Wel lijkt het erop dat blended care hierbij het best werkt. Maar aan de andere kant: als patiënten dachten dat ze voor een wissewasje kwamen, dan kwamen ze niet. We zijn als huisartsen in het merendeel van de gevallen bezig met geruststellen door te zeggen dat de klacht vanzelf weer zal overgaan. Die behoefte is er en die is reëel, dus ik waag te betwijfelen of dat na deze periode veel anders zal worden.”

Lees hier meer over dit onderwerp.