Event Abonneren
×

Wim Zoethout (SUPPOHRT): “De poh jeugd is het domein van de huisarts”

Wim Zoethout stelt dat een tripartite aanpak tussen gemeente, huisarts en zorgaanbieder betreffende POH-jeugd zorgt voor een duidelijke verdeling tussen verantwoordelijkheid, financiering en uitvoering.

De discussie die nu bestaat over de rol van de gemeente in de inzet van de poh jeugd kan worden voorkomen met een tripartite afspraak waarin de gemeente alleen als financier optreedt, stelt Wim Zoethout van SUPPOHRT. Maar het is een tussenoplossing, vindt hij. Uiteindelijk moet de financiering van de poh jeugd bij de zorgverzekeraar terechtkomen.

Een reactie op het artikel over de tien miljoen euro die worden geïnvesteerd om in iedere gemeente een poh-jeugd beschikbaar te stellen: “Ik mis in dit verhaal de drie partijen variant (huisarts, gemeente en zorgaanbieder), waarbij dit soort zaken inhoudelijke en juridisch goed geregeld zijn en waarbij de gemeente alleen optreedt als financier”. Deze reactie komt van Wim Zoethout, directeur van SUPPOHRT. Het werd zeven jaar geleden opgericht als medische dienstverlener voor  het verzorgen van poh’s ggz in huisartspraktijken. “In de begintijd vooral jonge psychologen die in hun eigen vakgebied niet aan de slag kwamen en dit als een mooie opstap zagen”, vertelt hij, “later kwamen er meer echte poh’s. We werken nu voor zo’n honderd huisartspraktijken, vooral normpraktijken, waarvoor een poh in dienst nemen geen voor de hand liggende oplossing is. Maar ook grotere praktijken weten ons wel te vinden. Het ontlast ze van het gedoe er omheen.”

POH-jeugd bij de huisarts

De reden dat Zoethout reageerde op bovenvermeld artikel, is dat zijn bedrijf een paar jaar geleden ook actief is geworden met het uitvoeren van poh jeugdzorg in opdracht van gemeenten “Je rolt daarin door de mensen met wie je spreekt als je in dit werk zit”, zegt hij. “Je kunt hier op twee manieren op inzetten: via de jeugdzorg – de gemeente dus – of via de huisartsenzorg. Wij hebben een voorkeur voor het laatste, want de poh jeugd is het domein van de huisarts. Initieel was de poh ggz bedoeld voor alle leeftijden, maar in de praktijk wordt die toch vooral ingezet voor volwassenen en een beetje voor ouderen. Niet voor jeugd, die wordt meteen doorgestuurd naar de gemeente en van daaruit vaak naar de tweedelijns ggz. Dan loopt het vast.”

Een reguliere poh ggz weet vaak niet wat die met jeugd moet, stelt Zoethout. “Het is een probleem van de gemeente én van de huisarts, maar het is de gemeente die de oplossing gaat zoeken. Dan wil ze ook mee beslissen over hoe die oplossing eruit moet zien en dan komt ze op het terrein van de huisartszorg. Dat kan wrijving geven.”

Tripartite aanpak

Het is om deze reden dat SUPPOHRT direct heeft gekozen voor een tripartite aanpak. “De gemeente, de huisarts en wij als zorgaanbieder”, legt Zoethout uit, “waarbij we ieders verantwoordelijkheid helder vastleggen. Plaats je een poh jeugd bij de gemeente dan is er al snel minder commitment van de huisarts. Bovendien heeft de poh jeugd dan geen toegang tot het HIS van de huisarts, omdat de functie dan onder de Jeugdwet valt. Daarnaast is toegang tot de poh jeugd via de huisartspraktijk voor de patiënt laagdrempeliger. Je loopt makkelijker bij je huisarts binnen dan bij de gemeente en je betaalt bovendien geen eigen risico.”

In deze tripartite afspraak is de gemeente de financier, de huisarts de opdrachtgever en SUPPOHRT de dienstverlener. De gemeente betaalt de huisarts een kleine vergoeding voor het beschikbaar stellen van de ruimte in de praktijk voor de poh jeugd en voor diens begeleiding. De poh jeugd rouleert over meerdere praktijken en heeft daar toegang tot het HIS. Zoethout: “Er is een duidelijke scheiding tussen verantwoordelijkheid, financiering en uitvoering.”

Tussenoplossing

SUPPOHRT heeft op dit moment langs deze weg in zeven gemeenten poh’s jeugd geregeld. De aandacht hiervoor groeit, maar Zoethout ziet het als een tijdelijke oplossing. “Voor de langere termijn zou het geld voor de poh jeugd naar de zorgverzekeraars moeten gaan”, zegt hij, “waarbij de poh ggz functie  inhoudelijk wordt opgerekt naar poh jeugd. Dan blijft iedereen op zijn eigen domein en bied je een structurele oplossing. Met die tien miljoen euro nu plak je een pleister. De poh moet een beroep worden in plaats van een functie. En daarbij zou de vergoeding voor de poh jeugd ook anders moeten zijn dan voor de poh ggz, want als het om een kind gaat, duurt een spreekuur zomaar een uur of meer. Daarnaast zou de samenwerking tussen huisarts, sociaal domein en gemeente moeten worden versterkt, zodat problemen in een vroeg stadium kunnen worden gesignaleerd en direct actie kan worden genomen om te voorkomen dat de situatie verergert. Dat spaart kosten en voorkomt dat een kind in de specialistische ggz terechtkomt.”