Congres Abonneren
×

Samenwerking en kennis bundelen in persoonsgerichte zorg en zelfmanagement

Vilans: ‘Persoonsgerichte zorg is een geheel van initiatieven.’

Persoonsgerichte zorg vraagt om een integrale aanpak op verschillende niveaus. Het sleutelwoord hierbij is samenwerking, zowel tussen publieke als private partijen. Vilans en Zelfzorg Ondersteund (ZO!) zijn hier aansprekende voorbeelden van. Vilans verbeeldt de integrale aanpak in haar nieuwe whitepaper met het “Huis van persoonsgerichte zorg”. Landelijke coöperatie ZO!, dat vertegenwoordigers van patiënten, zorgaanbieders en zorgverzekeraars verenigt, stelt concrete doelen tot snelle implementatie van zelfzorg en zelfmanagement op grote schaal.

Iedereen wil dat mensen met een chronische ziekte persoonsgerichte zorg krijgen; zorg op maat waarbij niet de ziekte centraal staat, maar de mens. Maar in de praktijk komt dit nog maar mondjesmaat van de grond. Vilans presenteert daarom in haar nieuwe whitepaper Hoe maak je een succes van persoonsgerichte zorg? het “Huis van persoonsgerichte zorg”: dit is een (van oorsprong Engels) model om persoonsgerichte zorg systematisch op te zetten. De whitepaper is een praktische handleiding waarmee zorgverleners en zorgmanagers in hun eigen organisatie aan de slag kunnen. Vilans verbeeldt de verschillende aspecten als de bouwstenen van een huis. Namelijk het hart van het huis: persoonsgerichte zorg, linkermuur: goedgeïnformeerde patiënten en mantelzorgers, rechtermuur: de coachende zorgverlener, dak: organisatie die persoonsgerichte zorg faciliteert en ondersteunt, fundament: persoonsgerichte omgeving en zorginkoop.

‘Afgelopen jaren was men in Nederland te eenzijdig met zelfmanagement bezig. Te veel losse delen, terwijl persoonsgerichte zorg juist een geheel van initiatieven is’, zegt Stannie Driessen, programmaleider Advies en Implementatie van Vilans. ‘De nadruk lag te veel op zorgverleners. Maar je moet ook patiënten erbij betrekken. En zorgverzekeraars aanspreken op het ontwikkelen van persoonsgerichte zorginkoop. Daarnaast is het voor zorgverleners ook belangrijk om de eigen organisatie anders in te richten en passende ICT te ontwikkelen. Het gaat om een totaalaanpak, een whole system approach.’

In de praktijk onderschatten zorgverleners vaak de impact van de verandering in manier van werken en denken die nodig is voor persoonsgerichte zorg. Driessen: ‘Vaak denken zij: “Ik lever al persoonsgerichte zorg, ik ben arts en weet wat goed is voor mijn patiënten.” Maar patiënten met een chronische ziekte hebben een andere, meer coachende houding van hun huisarts nodig. Die overgang is niet zo makkelijk.’

Daarnaast kost gedragsverandering tijd, zowel voor zorgverleners als voor patiënten, voordat het gaat opleveren. ‘Je kunt van patiënten niet verwachten dat ze gelijk een actieve rol oppakken bij het zelfmanagement van hun aandoening’, stelt Driessen. Zorggroepen die beginnen met persoonsgerichte zorg, moeten dan ook rekenen op een traject van drie tot vijf jaar. ‘Patiënten met een chronische ziekte komen misschien maar een paar keer per jaar op consult. Zorgverleners moeten hun patiënten dus stap voor stap activeren en toerusten op meer zelfmanagement.’ Wel zijn vaak kleine directe stappen mogelijk die het proces naar zelfmanagement in gang zetten.

Tussen de diverse partijen rond de patiënt is goede communicatie noodzakelijk voor goede samenwerking bij persoonsgerichte zorg en zelfmanagement. Vilans heeft daarom in haar whitepaper een eerste aanzet gedaan tot een uniform begrippenkader. ‘Ondersteunde zelfzorg moet overal hetzelfde betekenen en inhouden. Een duidelijk begrippenkader is daarbij onmisbaar.’